Doorgaan naar hoofdcontent

02.02.2020



het vuurvliegje

Het vuurvliegje wou dat hij groot en ontzagwekkend was.
Hij zat thuis voor zijn raam en keek naar de zon,
die tussen het struikgewas door zijn kamer in scheen.
Nooit meer dat verschrikkelijke je achter mijn naam,
dacht hij. Dag vuurvliegje...
Ik zeg toch ook niet dag miertje, dag neushoorntje?
Hij wou dat hij onstuimig was, onrustbarend, overdonderend,
tomeloos en nog veel meer.

Als ik eens het vuurmonster was... dacht hij.
Het verzengende vuurmonster.
Ik zou uit zijn, onopvallend mijn eigen leven leiden, misschien zelfs medelijden wekken, en dan, op een dag, op een verjaardag, als iedereen taart had gegeten, achteroverleunde, zijn ogen dichtdeed en niet aan mij dacht, dan ging ik opeens aan.

En niet met een klein vlammetje, maar met een vuurzee!
Ze zouden verbijsterd zijn! En daarna zou nooit meer iemand mij het vuurvliegje noemen. Nooit. De vuurzeevlieg, zo zou ik heten!
Dat klonk nog beter dan het vuurzeemonster, meende hij.
Hij probeerde zijn ogen te laten vlammen, maar hij wist
dat ze maar een flauwe gloed verspreidden. Nog wel, dacht hij.
Hij ging aan zijn tafel zitten en schreef een brief:


Geachte dieren,

Ik heet voortaan anders.
Ik bén voortaan anders.
U zult vreemd opkijken als u mij tegenkomt.
Terugdeinzen is wel het minste wat u zult doen.
En ook zult moeten doen!
Als u jarig bent kan ik geheel vrijblijvend
voor een vrolijke vuurzee zorgen.
En ik bedoel een vuurzee, niet een vuurzeetje!
Ik hoor van u.
En u van mij.

De vuurzeevlieg
(voorheen het vuurvliegje)

De wind greep de brief en stuurde hem naar alle dieren.
Die avond zat hij voor het raam. Dat was weer eens onberaden van mij, die brief, dacht hij. Waarom ben ik ook altijd zo verongelijkt? Ik geef toch licht en wie geeft er nog meer licht?
Ja, de zon. Maar die telt niet. En de gloeiworm. Maar die gloeit, dat noem ik geen licht geven. Verder niemand, helemaal niemand! Ze mochten het willen. De olifant, de walvis...
Hij schudde zijn hoofd, zodat zijn hele vensterbank verlicht werd. Antwoord van de dieren kreeg hij niet, want zij hadden al eerder gelijksoortige brieven van hem gekregen.


Uit: De vuurzeevlieg / Toon Tellegen, Carll Cneut (ill.) - Querido (2019)

Reacties

Populaire scribble

De bibliotheek in de LEA

In korte tijd regende het primeurs in huize Scribbles. En dat allemaal vanwege de vijfde landelijke conferentie Lokale Educatieve Agenda. De wat? De LEA , u weet wel: dat instrument om het lokaal onderwijsbeleid vorm en inhoud te geven na de wetswijzigingen in het onderwijs(achterstanden)beleid in 2006. Het een instrument voor gemeenten, schoolbesturen en overige partners om in ‘nieuwe verhoudingen’ (meer gelijkwaardige verhoudingen) tot gezamenlijke afspraken te komen over het onderwijs- en jeugdbeleid. Dat dus. Die LEA waar wij als bibliotheek zo'n spin-in-het-web-functie kunnen hebben, maar die we maar moeilijk voor het voetlicht krijgen. Net zoals we het soms zo moeilijk vinden om aan te tonen dat het ertoe doet dat we er zijn en dat we ons ook op het onderwijs richten. Onze partners van Kunst van Lezen zouden op die conferentie met een stand vertegenwoordigd zijn. En er was de mogelijkheid iets te vertellen tijdens een deelsessie. Doen? Ja, natuurlijk! Maar dan wel ove...