Doorgaan naar hoofdcontent

Het geluk van Moeyaert

Ik kondigde m'n aankoop al aan en de afgelopen week heb ik de nieuwe novelle van Moeyaert gelezen: Graz. Slechts een kleine 101 pagina's groot genot. Na afloop dacht ik: "Oké, nog een keer, nu iets langzamer, zodat ik ook alles wat tussen de regels staat echt lees." Want Moeyaert spreekt in de spaties tussen zijn woorden, zijn boodschap klinkt het sterkst op de momenten dat je het verhaal even op je in laat werken. In de witte ruimte dus. (via)

Over de inhoud en de symboliek verwijs ik naar deze mooie Vlaamse recensie. Uitleggen waarom ik zelf zo van Moeyaert houd, kan het beste door een paar van zijn gedachten te citeren.

Over een avondwandeling bijvoorbeeld:
Toch slaagde ik er niet in het tempo te vinden dat ik doorgaans aanhield, dat eigenste gangetje van mij dat langzamer is dan stappen, precies de goede snelheid om veel te zien maar weinig in me op te nemen, zodat mijn hart al kon gaan slapen voor ik in mijn bed lag.

Over hoe iemand de routine van zijn werk voelt:
Goede raad komt er bij mij in hele volzinnen uit. Ik heb de juiste woorden in de goede volgorde in een laatje klaarliggen. Ik heb ze er maar uit te nemen en voor te houden.

Of over verdriet:
Toen ik mijn voordeur achter me dicht had, en er met m'n rug tegenaan leunde, sloot ik mijn ogen en liet het jammerende geluid, dat ik in mijn keel had onderdrukt, gaan. Ik denk niet dat het een geluid van verdriet was. Soms zijn mijn longen te klein.

En over stilte:
De stilte die er hing was niet te vergelijken met een stilte die we kennen. Het was niet die van onder water. Het was niet de stilte die gonst als we onze oren dichtstoppen. Het was alsof mijn stem ineens een paar octaven zakte, alhoewel ik niks zei. Dat soort stilte.

Maar het meest genoot ik van de kijk op geluk en liefde:
Als iemand zegt dat hij een gezin heeft, denken wij er vanzelf geluk bij, omdat ons altijd is voorgehouden dat een gezin en het geluk een onafscheidelijke tweeling is. Als iemand zegt dat hij het geluk heeft gevonden, dan geven we hem vanzelf de liefde van zijn leven, terwijl de liefde en het geluk niet per se in hetzelfde bed slapen. Ik kan me voorstellen dat het geluk niet graag alleen slaapt, maar ik denk niet dat het geluk altijd naast de liefde ligt.

Moeyaert schreef dit verhaal in opdracht van toneelspelersgezelschap STAN, die het binnen de productie STUKKEN als monoloog heeft opgevoerd. Ik zie dat wel voor me. Ik ken de acteurs van dat gezelschap niet, maar volgens mij zou dit boekje in handen van iemand als Gijs Scholten van Aschat ook een mooie avond opleveren.

Reacties

  1. Een nadeel van lezende bloggers is dat ik het soms niet meer kan bijhouden want deze wil ik natuurlijk ook lezen.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. @sofie: Het is geen zware bevalling, lekker voor onderweg. Gewoon doen!

    BeantwoordenVerwijderen

Een reactie posten

Populaire scribble

Spoedberaad

We zitten midden in de module Moreel Beraad. We leren waar een ethisch dilemma aan moet voldoen, welke vormen van moreel beraad er zijn en hoe je als geestelijk begeleider een goede gespreksleider bent. We oefenen in groepjes met zelf ingebrachte casussen. Twee dingen zijn cruciaal in dit proces: wat is de werkelijke kernvraag en waar ligt het 'hittepunt' van het dilemma. Zo puzzel je als groep stapsgewijs naar een besluit waarmee je de minste morele schade aanricht. Het analytische van deze rol ligt me wel. In de praktijk word ik onverwacht uitgedaagd. De hele weg van Enschede naar Utrecht loopt mijn morele stressthermometer op naar een vurig hittepunt door de schaamteloze houding van een medereiziger. Best knap eigenlijk, dat je zo stoïcijns helemaal je eigen ding kunt doen. Ondertussen oefen ik op de zinsconstructie van de juiste kernvraag: "Moet ik de reiziger op dit moment aanspreken op het vervuilen van de zitplaats en bezethouden van twee extra plekken, als hij verd